Bökamp
Homestory’s

Homestory: 1 vakwerkhuis, 3 keukens - werk en leven onder één dak

Niet ver van het kuurpark van Bad Oeynhausen is het architectenbureau Bökamp gevestigd in een vakwerkhuis dat meer dan 200 jaar oud is. Het pittoreske gebouw werd in 2013 volledig gerenoveerd en herbergt naast het architectenbureau een praktijk voor natuurgeneeskunde en fysiotherapie, de privéwoonruimte van de familie Bökamp en - drie Nolte-keukens. Meer over de renovatie van het vakwerkhuis, de planning van de keukens en tips van experts op het gebied van woningbouw kunt u te weten komen in het volgende interview:

1. Hoe zijn jullie op het idee gekomen om het vakwerkhuis te renoveren?
De eerste ideeën kwamen op tijdens het wandelen met de hond. De centrale ligging in Bad Oeynhausen bracht ons ertoe het braakliggende terrein nieuw leven in te blazen. Over het algemeen hebben wij veel affiniteit met oude gebouwen en geschiedenis. Aanvankelijk wilden we het geheel als klantenproject gaan opzetten. In 2012 hebben we besloten het project zelf uit te voeren.

2. Welke moeilijkheden kwamen jullie tegen bij het verbouwen van het vakwerkhuis?
De grootste uitdaging was om in overleg met de autoriteiten een geschikt gebruiksconcept te vinden. Er moest vooral een oplossing worden gevonden voor het oudste deel, de vestibule, die vroeger als stalling werd gebruikt. Een volgende uitdaging was het feit, dat het vakwerkhuis al lang niet meer was gebruikt. Het houten skelet aan de buitenkant van het vakwerk werd dus niet onderhouden, waardoor de vraag opkwam, hoe we met de sanering moesten omgaan, ook wat betreft het vervangen van de houten onderdelen. Al deze zaken moesten worden overlegd met de afdeling Erfgoed/Monumenten van de gemeente.

3. Waarmee moesten jullie rekening houden wat betreft de monumentenbescherming?
Er moest een sanering in het plan worden opgenomen, d.w.z. maatregelen worden uitgevoerd die ervoor zorgden dat het gebouw aan de binnen- en buitenkant zijn waarde behield en in waarde steeg. Grote delen van het vakwerk moesten met de hand worden vervangen, versterkt en veiliger worden gemaakt, wat erg veel tijd vergde. Verder moest het gebouw omhoog getild worden voor het inbouwen van een nieuwe vloerplaat. Al deze maatregelen vergen veel overleg en werken alleen als er in een team wordt gewerkt.

4. Hoe komt het dat zowel het architectenbureau, een praktijk en jullie thuisbasis daar zijn gecombineerd?
Het vestibuledeel was zeer geschikt om er een praktijk onder te brengen. De particuliere oplossing is pas later gekomen, nadat een voormalige huurder zich opnieuw wilde oriënteren en wij de kans schoon zagen om te wisselen van woonplaats.

5. Wat bracht jullie ertoe het architectenbureau in het vakwerkhuis onder te brengen?
Het niet-uitgebouwde deel van de zolderverdieping bood speelruimte om alles naar eigen wens uit te bouwen en de indeling van de ruimte naar eigen behoefte en op maat gemaakt aan te passen. Verder gaat ons hart sneller kloppen van beschermde objecten en hun geschiedenis. Net zoals de geschiedenis van ons bedrijf: Karl Ottensmeyer was telg van een van oudsher Westfaalse boerenfamilie en werd niet boer, maar architect en stichtte meer dan 70 jaar geleden het bureau, dat vandaag bekend is als Architekten Bökamp. Toen wij in het voorjaar van 2020 onze intrek in de boerderij namen, voelde dit echt als “thuiskomen”.

6. Waarom hebben jullie de zolderverdieping pas in 2019 verbouwd en niet als de rest van het gebouw in 2014?
Achteraf gezien is dit een goede beslissing geweest. Het was toen gewoon ook een kwestie van geld, waarbij het mogelijke gebruik toen al juridisch was vastgelegd, echter oorspronkelijk als mogelijk woninggebruik, niet als bedrijf. Ook was bepalend dat de uitbouw binnen van de zolderverdieping met gefinancierde middelen fiscaal niet gestimuleerd werd en hier geen sprake was van afschrijving i.v.m. monumentenbescherming.

7. Welke historische details zijn er in het vakwerkhuis bewaard gebleven?
Voor het overgrote deel zijn ten eerste de voorgevel met vakken/vakwerk, de verdeling van de ramen, ook in de forse uitbouw bij vooral de westkant, maar ook de zuid- en oostkant, bewaard gebleven. Dat wil zeggen dat alle zijn nagewerkt, net zoals bij het origineel. Aan de binnenkant kun je vooral in het vestibuledeel met houten onderdelen de geschiedenis in volle glorie proeven, behalve de vloer, want die was oorspronkelijk geplaveid en had geen vloerplaat. Ook de historische straatkeien met daarin de sporen van de vroegere landbouw (rillen van de paard en wagens/enz.) zijn gereinigd en vervolgens in het buitengedeelte hergebruikt. Hetzelfde geldt ook voor de oude zandstenen troggen die als voerbak werden gebruikt: in het buitengedeelte hebben deze nu een nieuw leven gekregen als bloembak. De indeling van de ruimtes in de forse aanbouw is bijna onveranderd gebleven, alleen de functies van de ruimtes zijn veranderd.

8. Moest bij de planning van de keuken ook rekening worden gehouden met bescherming van het huis als monument?
Nee, eigenlijk niet echt. De hebben de planning van beide keukenruimtes gedaan nadat we de ruimtes en het gebruik daarvan hadden bepaald, onafhankelijk van de monumentenbescherming.

9. Wanneer in de sanering zijn jullie begonnen met het plannen van de keuken?
Wij zijn gewend meteen aan het begin van de grove planning te beginnen met de keukenplanning. Na verloop van tijd wordt deze dan verder uitgewerkt en met de keukenplanner voor de bestelling afgerond.

10. Welk frontprogramma, welke frontkleur en welk werkblad zijn in de keuken verwerkt?
Wij hebben in de keuken het programma Portland in de kleur antraciet gebruikt. Het werkblad is 12 mm dik en ook in betonlook.

11. Jullie gebouw heeft 3 Nolte keukens en een bijkeuken. Waarom hebben jullie gekozen voor de betonlook en waarom moest elke keuken hetzelfde front hebben?
Tijdens de tentoonstelling van Nolte Keukens hebben we de betonlook “live” kunnen ervaren en we waren meteen verkocht: het is zeer hoogwaardig, je hebt keuze uit drie fantastische kleuren, haptisch voelt het geweldig aan, het is mat en onkwetsbaar. Helemaal onze stijl. Na het inbouwen van de keuken in het particuliere gedeelte, gecombineerd met 4 jaar praktijkervaring was voor ons duidelijk, dat we precies deze fronten ook in het kantoor wilden hebben.

12. Waarom zijn er twee keukens in het kantoor?
In het grote kantoor hebben we behoefte aan koffie, omdat de spreekkamer vaak wordt gebruikt voor gesprekken met klanten, werklui en bezoekers. Dan is elke keer de trap op en neer niet echt handig. Op de zolderruimte wordt de sociale- resp. teamruimte gecombineerd met showroom en indien nodig een stille werkplek. Deze keuken is geschikt voor het koken, zodat ook mogelijke geurtjes van overdag op een afstand kunnen worden gehouden.

13. Jullie hebben 3 keukens, waaronder een met één keukenblok, een keuken met twee keukenblokken en een keuken met eiland. Waarom hebben jullie gekozen voor drie verschillende vormen?
We merken in ons werk bijna dagelijks, dat elke keuken andere eisen stelt en afgestemd moet zijn op de omstandigheden ter plekke. Bij ons is dat natuurlijk ook het geval geweest. Het keukenblok past qua grootte gewoon heel goed in onze kantoorruimte. De keuken met twee keukenblokken wordt door ons en onze medewerkers gebruikt als gemeenschappelijke keuken in kantoor, waardoor deze iets meer oppervlak en uitrusting nodig had dan het keukenblok van het kantoor zelf. Voor het particuliere gedeelte hebben we onze keus laten vallen op een keukeneiland met gasfornuis en een grote afzuigkap. Bovendien staat daar een bartafel om snel te kunnen ontbijten.

14. Waarom hebben jullie voor een greeploos front gekozen?
We houden van duidelijke vormen en strakke belijning. Soms is minder juist meer.

15. Wat is belangrijk bij de inrichting van een keuken op kantoor, resp. wat hebben de medewerkers nodig voor hun dagelijks werk?
Voor ons was vooral van belang dat er een koelkast kwam. Op die manier kan iemand tijdens de lunchpauze ook zelf iets koken. Soms organiseren we ook zgn. “bottlepartys”. Iedereen neemt dan iets mee en de restanten kunnen dan ook de volgende dag nog worden opgegeten. Ook daarvoor is een grote koelkast natuurlijk super. We vonden het bovendien belangrijk, dat we een koelkast hadden met grote vriesvakken voor bevroren producten en ijs. Behalve het bovengenoemde moet je natuurlijk ook de dagelijkse benodigdheden kunnen opbergen. Op de zolderverdieping hebben we bijvoorbeeld hoge kasten staan. Zo krijgt alles een plek en kan dit goed en veilig in kasten worden opgeborgen.

16. Waarom hebben jullie voor een bijkeuken gekozen? Hoort deze bij jullie particuliere gedeelte?
Ja, de bijkeuken grenst direct aan de keuken in het particuliere gedeelte van het huis. Daar is ongelooflijk veel opbergruimte en bovendien vervangt deze ruimte de kelder. Daar de ruimte slechts door een deur van de keuken wordt gescheiden en ook wel eens wordt opengelaten, vonden we het belangrijk dat deze ruimte dezelfde uitstraling heeft als de keuken.

17. Leven en werken onder een dak - hoe gaat dat bij jullie? Is het soms moeilijk om beroep en privé van elkaar te scheiden?
Nou, als je naar kantoor gaat, is het natuurlijk wel makkelijk als je niet zo ver hoeft te reizen. Het is erg praktisch dat je in het woonhuis geen laptop, werkstation en bureau meer nodig hebt en dat het werk zo gewoon uit het woonhuis wordt verbannen. Met een beetje goede wil wat betreft grenzen trekken en 2 huisdeuren een goede oplossing.

18. Als professionals hebben jullie dagelijks met de planning van huizen te maken. Wanneer komt doorgaans de keukenplanning aan de orde? Welke tips hebben jullie wat betreft keukenplanning voor mensen die hun droom van een eigen huis willen waarmaken? Welke fouten worden vaak gemaakt?
Een algemeen antwoord is hierop niet echt mogelijk, want het gaat om individuele behoeften en wensen, waarnaar in de planning vooraf moet worden gevraagd en die moeten worden afgestemd. Natuurlijk zien we daadwerkelijk, dat de keuken vandaag de dag en al langer het “middelpunt” van het huis is geworden. Hier speelt het belangrijkste deel van het (gezins)leven zich af. Dienovereenkomstig zijn afmeting en inrichting van de ruimte anders dan 20 jaar geleden of anders dan in de jaren '50, toen het keukenblok zijn opmars maakte. Wat ook meetelt, is dat de grote eettafel nog een extra tweede functie erbij heeft gekregen voor een klein hapje tussendoor. Dit wordt vaak opgelost met een bar in de keuken. Niet alleen om een espresso te drinken, maar ook je wilt ook een mooie en goede plek hebben om je servies op te bergen. En natuurlijk moet er dan rekening mee worden gehouden dat je naar buiten kunt kijken. Niet alleen in Coronatijd is de keuken een multifunctionele “bar”, waar papa als huiswerkbegeleider fungeert en tegelijkertijd aan het koken is, of waar mama nog snel even haar e-mail checkt, omdat het even niet anders kan. Alles vloeit meer in elkaar over, er zijn minder grenzen. Als je daarmee op de juiste manier omgaat en daarnaar leeft, werkt dit bevrijdend. Het uitgangspunt Floating Room, waarbij keuken, eten en wonen in elkaar overgaan, eventueel gescheiden door een schuifdeur naar de keuken, is voor veel klanten een belangrijk uitgangspunt bij de vormgeving. Er wordt ons ook gevraagd om binnen en buiten, dus tuin, terras of balkon, met elkaar te verbinden. Daarom moet in de planningsfase bijzondere aandacht worden besteed aan de loopruimten en de functies rondom en in de meubels. Als ik bijvoorbeeld gasten wil ontvangen, moet ik de tafel minstens vanaf 3 kanten goed kunnen bereiken om iets van gastvriendelijkheid te kunnen tonen en service te kunnen bieden zonder het gevoel te geven dat het krap is. De keuze waar de koelkast, de pannen en het bestek komen lijkt misschien voor de hand te liggen, maar daar moet je goed over nadenken en vervolgens de plek bepalen. Hierbij is afmeting niet alles, maar een handige en kwalitatief goede indeling.
De integratie van de bijkeuken in de keuken, waarbij de bijkeuken in de nieuwbouw in plaats van de kelder komt, en in het ideale geval ook grenst aan de garage/carport en “weerbestendig” is, maakt het dagelijks leven makkelijker. Het houden van voorraden is niet meer het belangrijkste, omdat we meestal alles snel en vers naar behoefte inkopen. Behalve het inrichten van de huistechniek is echter ook belangrijk te weten dat in deze ruimte de was wordt gedaan, huishoudelijk werk wordt verricht en dat er een kleine gereedschapskast moet kunnen staan. Hier moet aandacht voor zijn, want deze werkzaamheden vinden niet meer in een donkere kelder plaats zoals vroeger. Ruimtes voor kamerhoge kasten bieden plaats voor dingen die je nodig hebt, maar niet dagelijks, denk bijvoorbeeld aan kerstversiering, cadeaupapier.
Tot slot een persoonlijke stelling: onze keukens zijn groter, maar vaak wordt er minder gekookt. De nieuw vormgegeven keukens en ruimtes bieden doordat deze worden samengetrokken weer de mogelijkheid om deze dagelijks meer te gebruiken, met vrienden, kinderen en er kan zelfs een klein privé kookevent worden gehouden. Je moet daarbij als het nodig is in een vroeg stadium afwegen wat nodig is voor een goede en effectieve luchtafvoer. Wij vinden dat je beter luchtcirculatie kunt toepassen, dat is effectiever. Het plaatje dat wordt gevormd door bovengenoemde zaken wordt pas echt compleet als het leven, het gevoel en de smaak worden gevierd en de centrale keuken ook de plek is om te genieten, te vieren en uit te rusten, waar tijd is voor deze momenten en ruimte.
Je zou de showroomkeukens op de tentoonstellingen eens moeten bezoeken, om inspiratie op te doen voor je eigen keuken. We adviseren onze klanten om zich in een vroeg stadium bezig te houden met alles wat met de keuken te maken heeft. Al voor het begin van de bouw zou er al een vastgestelde keukenplanning moeten zijn. Er moet op zijn minst worden overlegd over de plaats van de stopcontacten, de techniek, eventuele hoogte van de ruimtes en installatieleidingen die nodig zijn, ook wanneer nog niet vast hoeft te staan welk keukenfront er uiteindelijk zal worden gekozen.